Stem, personage, compositie

Er zijn natuurlijk meer dingen te bedenken die een roman sterk maken, maar de drie uit de titel hierboven zijn niet verkeerd om mee te beginnen, en bovendien spelen ze al een tijdje door mijn hoofd. Ik dacht ze behoorlijk op een rijtje te hebben voor Ochtend op Denmark Hill, al vond ik dat bepaalde personages misschien nog wat meer uit de verf mochten komen, maar zoals ik eerder al schreef, is alles begonnen te schuiven.

En hoe belangrijk zijn die personages? Neem de monnik Bonaventura, Eldert Haman in het wereldlijk bestaan, protagonist van Jeroen Brouwers Het hout. De roman gaat over een jongensinternaat in de jaren vijftig en een monnik die zich langzaam losmaakt uit die omgeving. Tijdens het lezen bekroop mij de vraag welk verhaal Brouwers vertelt. Van het klooster, van de ontzetting die heerst in zo’n gesloten gemeenschap met sadistische tirannen aan het roer? Daar slaagt hij bijzonder goed in in het begin van het boek, de nacht waarin een van de jongens in het internaat verdwenen is. Of wil Brouwers het verhaal van Eldert Haman vertellen in die gemeenschap? Nu lijkt dat personage wel heel erg een functie van het verhaal, en dat zijn personages natuurlijk altijd, maar hier valt het op. Er wordt wel steeds een worsteling aangeduid die Haman zou doormaken, maar ik vind die innerlijke strijd niet erg overtuigend, of zelfs maar aanwezig. Echt bang voor de hel lijkt Haman me niet, al duiken er hier en daar wat duivels op. Hij is nogal laconiek over het geloof. De jongens beschermen, voert hij op een gegeven moment aan, en in het begin, als een van die jongens zoek is, voel je inderdaad Hamans angst, maar als hij tien dagen in Duitsland is, weg van de jongens, denkt hij geen moment aan ze.

Wat overtuigt in de roman, is de vertelstem. Brouwers gaat zijn eigen gang. Hij schuwt het functionele niet met zinnetjes als: ‘Dit laatste zeg ik niet, ik denk het erbij’ – een mededeling die ik geneigd zou zijn te schrappen – maar hij laat Haman ook beeldend observeren, in allesbehalve versleten taal: ‘Bartholomeus klost binnen’, over een monnik die de refter in loopt. Vertelt Brouwers, in plaats van te laten zien, dan weet hij dat treffend te doen: ‘Ik bleef wel ik, zoals meel meel blijft maar zonder notie dat het al deel uitmaakt van een klomp deeg.’ En: ‘Als onder volledige verdoving, waarin de kanker uit de patiënt wordt gesneden, verdween ik uit mezelf, want ik was de kanker, zeiden ze.’ Deze zinnen gaan over Eldert Hamans opname in de kloostergemeenschap. De stem, de taal, vind ik mooi, maar ze hebben als nadeel dat ze Haman als personage vrij vaag houden. Genieten van die zinnen kan ik wel, net als van deze: ‘…niet te zien door de verblindende zonbalken die schuin door de ramen in het middenschip hangen, doorschoten door stilhangend stof…’. Dat ‘doorschoten’ is een vondst waar ik jaloers op ben.

Dan compositie. Het hout bestaat uit drie delen, die – in elk geval voor deze lezer – elk in een paar bewegingen onderverdeeld zijn. Die bewegingen, zoals ik ze noem, verschillen weer in tempo. Deel I bijvoorbeeld opent met een snelle beweging – de nacht waarin men op zoek is naar de vermiste jongen, waar de hele tijd een grote dreiging boven hangt. De tweede beweging is langzamer, daarin wordt de geschiedenis van Haman verteld, zijn intrede in het klooster. Daarna volgt een derde beweging, waarin Patricia wordt geïntroduceerd, de vrouw die Haman uiteindelijk weer uit het klooster laat vertrekken, ook weer met een eigen tempo (iets sneller) en klankkleur. Deel II en III kun je op een vergelijkbare manier onderverdelen. Het geeft Het hout een gebalanceerde opbouw, waarin die variaties in tempo goed waarneembaar zijn en voor mij voegt dat een extra laag toe aan de roman, maakt dat de tekst op een bepaalde manier muzikaal.

Er zijn mensen die zeggen dat de stem van de auteur alles is in de literatuur, of in elk geval allesbepalend. Als ze daarmee alleen op de vertelstem doelen, ben ik het niet met ze eens. Ik kijk toch meer naar de totale handtekening van een auteur, waarin compositie, wereldbeeld en gevoelszin van het werk toch net zo belangrijk in zijn. Maar misschien is dat alles tezamen wel die stem, plus nog wat dingen die niet te benoemen zijn. Op één enkel aspect lijkt het niet aan te komen, zoals Het hout laat zien, een wat mij betreft erg geslaagde roman, een erg eigen roman, al valt er genoeg af te dingen op Eldert Haman.

 

2 gedachten over “Stem, personage, compositie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s